Stichting Geluidshinder Arnhem-West
 
Geluidsbelasting: rekenen of meten
Geluidsbelasting: rekenen of meten
 
Geluid wordt in Nederland niet gemeten maar berekend. Prorail besteed de berekeningen uit aan commerciële bureau's. In het geval van Arnhem-West worden de berekeningen al jaren door DGMR gedaan. Dit bureau levert de rapporten voor de Gemeente Arnhem maar ook voor het project Sporen in Arnhem. 
 
Rekenen met modellen
Voor de berekening van de geluidshinder wordt een eigen model door DGMR gebruikt. Dit model gebruikt als input de gegevens van het ASWIN spoorboekje waarin het aantal bakken per categorie treinen van ProRail als ook de spoorgegevens voor traject 228 (splitsing-West Nijmegen-Utrecht tot het Station) staan. In het model moet volgens het Reken- en Meetvoorschrift van 2006 gerekend worden.
 
Er zijn een aantal tekortkomingen van de modelinput die maken dat de berekende waarden niet overeenkomen met de ervaren werkelijkheid zoals hierboven beschreven. De modelinput wijkt af op een aantal essentiële punten:
  • De model input gaat uit van vier sporen die gelijkelijk gebruikt worden. In werkelijkheid gaat het om vijf sporen die geleidelijk aan verbreden naar ongeveer tien sporen bij het station.
  • De sporen worden niet gelijk gebruikt; het doorgelaste spoor 2/ 3 wordt relatief minder gebruikt en heeft dus een te hoog gewicht in de berekende geluidswaarde.
  • Goederentreinen blijken in het model als doorgaand te zijn opgenomen terwijl in werkelijkheid ruim de helft van de goederentreinen zwaar piepend tot stilstand komt.
  • De wisselzone zit in het model als spoor met wissels of zonder wissels. Of dit er drie zijn of dertig maakt niets uit voor het model.
  • Passages over wisselzones produceren relatief veel zware stootgeluiden met hoge pieken. Deze worden niet meegenomen in het model.
  • De snelheid van binnenkomende treinen varieert sterk; in het model wordt met een afnemende snelheid gerekenend.
 
Conclusie: de berekende waarden passen niet binnen de criteria van het Reken en Meetvoorschrift 2006. De situatie van Arnhem-West is dusdanig afwijkend van de werkelijke situatie dat er niet mee gewerkt kan worden in de complexe wisselzone van Arnhem-West. In het Reken- en meetvoorschrift staat dan een ontsnappingsclausule: meten.
 
Meten
Er is in 2006 met de Gemeente Arnhem (Dienst Stadsbeheer) en Prorail afgesproken om DGMR  het werkelijke geluid te laten meten waarbij met name aandacht geschonken gaat worden aan de wisselzones ter hoogte van de Beaulieuvilla en de Heijenoordseweg. Belangrijke indicatoren waren daarbij de dB(C), het doorwerken op langere afstand van lagere tonen, de snelheid van de treinen en de piekgeluiden bij wisselpassages. Als controlemeting is in Arnhem-Zuid gemeten. In april en juni 2007 is er gedurende twee avonden gemeten op vier plaatsen langs het spoor Arnhem-West.
Een rapport met uitkomsten is helaas nooit officiëel uitgebracht. Maar wel eind 2007 gepresenteerd tijdens een klankbordvergadering Sporen in Arnhem. De uitkomsten waren zoals door de omwonenden verwacht:
  • ter hoogte van de wisselzone (tussen de Brouwerijweg en het station) lag de gemeten waarde 5-6 dB hoger dan de berekende;
  • bij de Heijenoordseweg en de Zuidelijke Parallelweg lag de gemeten waarde 1-2 dB hoger;
  • de snelheid is van belangrijke invloed op het geluidsniveau
  • er worden waarden van boven de 90 dB gemeten bij passages van goederentreinen.
 
Helaas heeft meten geen officiële, wettelijke status. De wet gaat uit van berekenen. Tenzij.....we kunnen aantonen dat Arnhem-West toch wel bijzonder is en niet in een model te vangen.